Kaakklachten

Kaakgewrichtsklachten(het vakgebied heet gnathologie) kunnen sterk verschillen in ernst. De tandarts zal moeten proberen te achterhalen waar de klachten vandaan komen.

Kaakklachten

Kaakgewrichtsklachten(het vakgebied heet gnathologie) kunnen sterk verschillen in ernst. De tandarts zal moeten proberen te achterhalen waar de klachten vandaan komen. Klachten kunnen samenhangen met de gebitssituatie (het functioneren van bovengebit met het ondergebit), met de kauwspieren (de sterkste spieren in ons lichaam) en met psychische problemen en spanningen.

Er zijn allerlei methoden en hulpmiddelen om onderzoek naar de oorzaak te doen zoals beetregistratie (met behulp van een articulator, een soort simulator van boven- en onderkaak, therapeutische positiebepaling) en spieractiviteitsmeting en bewegingsregistratie.

De tandarts zal de bevindingen met de patiënt bespreken en uitleggen welke behandelingsmogelijkheden er zijn. Zo kan de tandarts het gebit beslijpen zodat de kauwbewegingen beter mogelijk worden. De tandarts kan een opbeetplaat (spalk) maken: een uitneembaar plaatje van plastic, voor het verminderen van tandenknarsen of het ontspannen van de kaakspieren. Zo’n spalk moet de patiënt vaak ’s nachts en soms ook overdag dragen. De tandarts kan spieroefeningen laten doen of leren op een andere manier te kauwen. Klachten kunnen niet altijd door de tandarts zelf worden verholpen. Dan kan hij de patiënt voor een behandeling doorverwijzen naar een tandarts-gnatholoog (specialist op het gebied van kaakgewrichten), een kaakchirurg, een fysiotherapeut of een psycholoog.

De meest voorkomende kaakklachten zijn pijnlijke of vermoeide kauwspieren, een beperkte of scheve mondopening en kaakgewrichtsgeluiden. Kaakklachten kunnen een uitstralende pijn naar de omgeving van het oor en het oor zelf geven. Zelfs hoofdpijn en nekpijn kunnen te maken hebben met stoornissen in het kauwstelsel. Kaakklachten kunnen ook leiden tot allerlei beperkingen in dagelijkse activiteiten: een broodje eten, praten of gapen. Indirect kunnen kaakklachten zelfs leiden tot problemen bij het werk, in het gezin of het sociale leven.
Kaakklachten worden vaak veroorzaakt door een overbelasting van de kauwspieren of het kaakgewricht. Die overbelasting kan optreden doordat u onbewust verkeerde mondgewoontes hebt ontwikkeld.

Mensen met kaakklachten hebben bijvoorbeeld vaak onbewust de gewoonte om langdurig hun kiezen op elkaar te klemmen of om de tanden van de onderkaak langs die van de bovenkaak te schuren (knarsen). Dit laatste gebeurt vooral ’s nachts. Stress is van invloed: de klachten kunnen toenemen bij een langdurige stresssituatie (bijvoorbeeld door werk of persoonlijke omstandigheden).

Wat zijn verkeerde mondgewoontes?

Tandenknarsen, klemmen, tongpersen, lipbijten, pennen bijten, nagelbijten, kauwgom kauwen, potloden of pennen bijten. Veel van deze gewoonten hebben gemeen dat de onderkaak naar voren wordt gebracht.

Waar doen de klachten zich voor?

image001Acute pijnklachten kunnen zich voordoen in de kauwspieren (A) en het kaakgewricht (B) zelf (zie afbeelding hierboven). Als de pijn langer aanhoudt, kan deze ook uitstralen naar andere gebieden (veelal op het hoofd of in het gezicht). Schurende of knappende geluiden komen uit het gewricht.

Wat kost de behandeling?

Bij de intake door de tandarts-gnatholoog wordt, naast de diagnostiek, bekeken of de patiënt in aanmerking kan komen voor de regeling voor bijzondere tandheelkunde, die vrij strikte bepalingen oplegt. Door een goede samenwerking met de verzekeraars bestaat er een soepele machtigingsaanvraag procedure, waardoor de patiënt kan rekenen op een snelle start van de behandeling na de diagnostische fase.

U zult na het eerste consult een begroting krijgen van de aangevraagde kosten bij de zorgverzekeraar. Bijzondere tandheelkunde valt in het basispakket; houdt u er rekening mee dat behandeling onder de basisverzekering, meetelt voor uw eigen risico.

Voor onze behandelingen in 2017 hanteren wij de verplichte Tarievenlijst tandheelkundige zorg. De codes en bijhorende tarieven zijn vastgesteld door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZA). Alle tandartsen werkzaam in Nederland hanteren deze codes.